50

978 18 3
                                        

~vervolg

Pov Lynn:

De deur van mijn stage sluit met een harde klik achter me en ik zucht diep. Vandaag was weer zo'n dag. Druk, chaotisch, alles liep in het honderd. Een klant die zijn bestelling wilde annuleren, de chef die boos werd omdat een gerecht niet op tijd de keuken verliet... het voelde alsof alles tegelijk misging. En dan was er nog het gebrek aan slaap. Weer een nacht vol nachtmerries, weer wakker worden met een bonzend hart en een gevoel van angst dat langzaam wegzakte, maar nooit helemaal verdween.

Ik sleep mezelf naar huis, mijn benen voelen zwaar, mijn hoofd gevuld met een soort mist. Terwijl ik de trap op loop naar mijn appartement, voel ik de vermoeidheid in elke spier. Het enige waar ik nu naar verlang, is rust. Maar die lijkt al weken, maanden misschien, onbereikbaar. Binnen is het stil. Nova zit op de bank met een kop thee en kijkt op als ik binnenkom. Ze glimlacht vriendelijk naar me, zoals altijd. "Hey Lynn, hoe was het vandaag?"

"Druk." zeg ik kort, terwijl ik mijn tas neergooi. "Heel druk." Ik loop naar mijn kamer en begin mijn weekendtas in te pakken. Ik ga vanavond naar Matthy en blijf daar slapen. Een korte ontsnapping van alles, van mezelf. Terwijl ik een paar kleren in de tas stop, komt Nova bij de deuropening staan.

"Nog plannen voor vanavond?" vraagt ze. Ik knik. "Ja, ik ga naar Matthy." Nova's ogen lichten even op. "Oh, dat is leuk! Jullie zien elkaar best veel de laatste tijd, hè?" Ik glimlach flauwtjes. "Ja, het is fijn om bij hem te zijn. Even weg van alles, weet je wel?" Ze knikt begrijpend. "Ik snap het. Hij is echt een goede gast."

"Dat is hij ook." Ik leg een extra trui in mijn tas, voor het geval het koud wordt vanavond. Het voelt goed om er even niet aan te denken, aan de stress, aan de nachtmerries, aan alles wat me zo zwaar valt. Praten met Nova, hoe luchtig het ook is, helpt me altijd om even afstand te nemen van de storm in mijn hoofd.

We praten nog wat door over haar werk, een documentaire die ze heeft gezien, en de plannen die ze met vrienden heeft voor het weekend. Het gesprek helpt. Het geeft me het gevoel dat het leven gewoon doorgaat, zelfs als ik mezelf zo vast voel zitten.

Als ik klaar ben met inpakken, kijk ik naar de tijd. Het is bijna tijd om te gaan. Ik pak mijn telefoon en stuur Matthy een berichtje:

"Ben onderweg naar je toe. X."

Ik trek mijn jas aan en kijk naar Nova, die nu weer op de bank zit met haar thee. "Ik ben weg, ik zie je later!" "Veel plezier," zegt ze met een glimlach. "Rij voorzichtig." Ik glimlach terug, hoewel het niet helemaal mijn ogen bereikt, en stap de deur uit. De koude lucht van buiten raakt me meteen. Ik stap in mijn auto en laat mijn tas op de passagiersstoel zakken. De motor start met een zacht gebrom, en ik rijd weg, de stad uit, richting Matthy.

De rit duurt drie kwartier, maar het voelt langer. Mijn hoofd zit vol gedachten, zoals altijd de laatste tijd. Het is alsof ik nooit echt kan ontsnappen aan wat er in mijn hoofd zit. Zelfs hier, in de auto, kan ik het niet uitzetten. Ik denk aan de nachtmerrie van vannacht, hoe ik weer terug was in dat kleine appartement, met Scott's harde stem en de beklemmende angst die me verlamde. Ik voel hoe mijn ademhaling versnelt en probeer mezelf te kalmeren. Het is voorbij. Het is al zo lang voorbij, maar toch voelt het alsof ik er nooit echt vanaf ben gekomen.

Als ik eindelijk bij Matthy's huis aankom, parkeer ik de auto in de straat en neem een paar seconden om diep adem te halen. Hier ben ik veilig. Hier ben ik bij hem. Ik stap uit en loop naar de voordeur.

Ik bel aan en wacht. Het duurt iets langer dan normaal voordat de deur open gaat, maar dan staat hij daar, met die warme glimlach waar ik altijd zo naar uitkijk. Hij kijkt me aan en het is alsof hij alles weet zonder dat ik iets hoef te zeggen. Ik voel de spanning in mijn schouders een klein beetje wegzakken.

Littekens van het VerledenWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu