Eva
Ik vlucht de winkel uit, ik moet frisse lucht hebben. Het is druk in de winkelstraat, buiten hap ik naar adem. Het lijkt wel alsof er een ijzeren vuist om mijn borstkas geschroefd is die mijn longen steeds een beetje dichter knijpt. Het zweet loopt in straaltjes over mijn rug. Er flitsen flarden van herinneringen door mijn hoofd. Nare herinneringen, van vroeger.
Ik begin de controle over mijn lichaam te verliezen en ik sta te trillen op mijn benen. Mijn hart bonkt wild in mijn borstkas en het bloed suist door mijn oren. Mijn maag maakt salto's en er komt een stekende pijn op in mijn hoofd. Ik weet precies wat er aan de hand is, ik herken het gevoel.
Dit is een paniekaanval. Ik heb jaren geleden schietangst gehad en toen een aantal vergelijkbare episoden gehad, maar nog nooit zo heftig als nu. Hoewel ik buiten sta, in een vrij brede straat, voel ik toch de winkels en omstanders op me afkomen. Mijn blikveld begint te draaien en de wereld duizelt voor mijn ogen.
Mijn hand tast naar houvast en ik laat mijn rug tegen de gevel van een willekeurige winkel leunen. Ik rits mijn jas open, buig voorover en leg mijn trillende vingers in mijn nek. Adem in door je neus en uit door je mond. Rustig. Maan ik mezelf tot kalmte. Het NAVO-alfabet spookt door mijn hoofd. Pas als ik het voor de tweede keer heb opgezegd voel ik mijn hartslag eindelijk kalmeren.
Vanuit mijn ooghoek zie ik Wolfs aankomen met Sepp aan zijn ene hand, terwijl hij met zijn andere hand de kinderwagen voortduwt. Zo goed en kwaad als het gaat zet ik mijn gezicht op standje neutraal en ga weer rechtop staan, ik probeer de paniek die nog door mijn lichaam giert te negeren. Een beetje onhandig manoeuvreert Wolfs met zijn bepakking door de deur van de winkel. 'Zullen we gaan', vraag ik nog na hijgend, ik probeer luchtig te klinken maar de woorden komen geforceerd mijn mond uit.
Ik maak aanstalten om de straat verder in te lopen maar Wolfs pakt mijn bovenarm vast. Ik heb geen zin om te praten. Niet hier, niet nu. Als door een wesp gestoken draai ik me om. Ik probeer zijn hand los te schudden, maar die schroeft zich alleen maar vaster om mijn biceps. Hij kijkt me strak aan en knijpt zo hard dat mijn arm begint te tintelen, geïrriteerd kijk ik hem aan. 'Wolfs laat me los, je doet me pijn', snauw ik. Hij laat niet los en de blik in zijn ogen voorspelt dat er onweer op komst is.
Binnen in mijn lichaam begint woede op te borrelen. Waarom zegt hij niet gewoon wat er aan de hand is. Hij weet dat ik er een hekel aan heb als hij niet zegt wat hem dwars zit. 'Wolfs wat is er', sis ik. 'Waarom deed je dat', vraagt hij streng. Ik ruk mijn arm ruw los uit zijn greep, 'waarom deed ik wat', hou ik me van de domme. Hij haat het als ik doe alsof ik dingen niet begrijp. Hij weet heus wel dat ik haarfijn in de gaten heb wat hij bedoelt.
Hij zet een stapje naar mij toe en staat nu pal voor mijn neus, zijn ogen staan donker en boren zich in de mijne. 'Kijk uit Eva, niet doen dit. Echt niet doen', gromt hij waarschuwend. Ik bijt op de binnenkant van mijn wang en kijk hem zwijgend aan. Hij ademt vlug in door zijn neus en doet dan zijn mond open om opnieuw iets te zeggen. 'Je weet best wat ik bedoel', zegt hij dan, hij spreekt de woorden langzaam en nadrukkelijk uit.
Ik hoor de irritatie in zijn stem en weet dat ik nu moet oppassen op wat ik ga zeggen. Een beetje onnozel staar ik hem aan. Ik weet zelf niet eens waarom ik het deed, laat staan dat ik het aan hem kan uitleggen. Het gebeurde gewoon. Mijn lichaam nam de controle over.
'Kom op nou Eva', dringt Wolfs ongeduldig aan, 'waarom vluchtte je toen het over Thom ging'. 'Ik vluchtte helemaal niet', verdedig ik me. 'Oh nee, wat deed je dan', snauwt Wolfs luid terug, 'heeft hij het recht niet om genoemd te worden. Hij is net zomin onze zoon'.
De plotselinge verheffing van zijn stem, laat me schrikken en ik zet onbewust een stapje achteruit. Zijn woorden hebben me gekwetst en hebben barstjes gemaakt in mijn stevige muur. Hoe kan hij in hemelsnaam denken dat ik Thom minder mijn kind vind dan Pip, Zus of Sepp. 'Tuurlijk heeft hij het recht om genoemd te worden, denk je dat ik dat niet vind', grom ik bits.
JE LEEST
Fleva Forever After
FanficEva en Wolfs zijn, na jaren om elkaar heen draaien, eindelijk samen. Hoe zal hun leven buiten het bureau als stel verlopen..? Komt er een mini Eva of een klein Wolfsje, wie zal het zeggen..? Hoe zijn ze samen als stel, vullen ze elkaar net zo goed a...
