| Deel 35

181 8 2
                                        

"Je komt gewoon voor haar op! En heb je gezien hoe ze naar je keek? Gif! Gif heb je in dit huis toegelaten Badr. Nee, ik had nooit akkoord moeten gaan met die plan van jou! Nooit! En dan mijn arme moeder die nu een dure jurk kwijt is!". Zei ze kwaad. "Dat heeft je moeder verdient." Zei ik terwijl ik naar mijn aansteker zocht. "Verdient?". Zei ze. "Ja." Antwoorde ik. "Ik heb je ouders vaak genoeg gewaarschuwd over die walgelijke racistische opmerkingen die ze maken. Je moeder ging te ver." Ze sloeg haar armen over elkaar en keek me boos aan. "Je bent soft geworden. Er was eens een tijd dat je zulke mensen meteen met de grond gelijk maakte." Zei ze met dichtgeknepen ogen. "Als je het over je moeder hebt, dat heeft Sophia al gedaan in mijn plek." Zei ik. "Sophia? Nu noem je zelfs haar naam! Hoe durf je!".

Ik werd hier moedeloos van en keek haar aan. "Christina, morgen moet ik vroeg op. Ik wil geen woord horen over je moeder. Kom slapen en laten we deze avond in ieder geval leuk afsluiten" Zei ik terwijl ik mijn hand uitstak. Ze perste er een glimlach uit en ik trok haar bij me in bed.

De volgende ochtend stond ik vroeg op, kuste ik Christina gedag die nog lag te slapen en sloeg ik het ontbijt over. Op werk was het druk maar gelukkig had ik alle achterstallige werk ingehaald. Ik merkte dat ik zelfs Adil en dat hele erfgenaam gedoe aan het vergeten was. Na afloop rond vijf uur in de middag reed ik naar huis en liep ik meteen naar de huiskamer waar Christina druk aan het bellen was. Ik kuste haar en liep meteen door langs de keuken naar mijn andere werkkamer. Daar kon ik tenminste in alle rust belangrijke zaken regelen. Eenmaal aangekomen trok ik mijn vest uit en legde ik wat spullen weg. Ik hoorde ineens geluid wat ik nogal appart vond voor deze verdieping aangezien niemand hier kwam. Ik liep de werkkamer uit en hoorde het geluid uit de slaapkamer komen. Natuurlijk, Sophia slaapt nu hier. Ik zuchte diep en keek door de kier naar binnen. Ze lag op het bed te snikken en ik sloot mijn ogen dicht. Zo kon ik toch niet werken? "Hou op met janken, ik probeer hiernaast te werken." Zei ik. Ze schrok en ging meteen overeind zitten. Ik keek haar aan en mijn ogen werden groot toen ik zag dat ze een snee op de zijkant van haar voorhoofd had en niet zo'n kleine ook. Ik liep langzaam naar haar toe en ze ging met elke stap die ik naar voren zette, iets naar achteren schuiven. Toen ik bij het bed stond veegde ze haar tranen weg en verstopte ze de snee onder haar zwarte lokken. Ik keek haar aan en tilde mijn hand op. Langzaam hief ik deze naar haar gezicht waardoor ze naar achteren deinsde. Uiteindelijk bleef ze stil zitten en haalde ik de lokken weg. "Wie heeft dit gedaan?". Vroeg ik. Ze keek me vluchtig aan. "Niemand. Ik ben gevallen." Zei ze schor. "Je bent gevallen..". Herhaalde ik. Ze knikte langzaam en ik zag dat de snee flink bloedde. Het was echt diep. "Je moet naar het ziekenhuis." Zei ik. Ze schudde meteen haar hoofd. "Nee."

"Doe niet zo eigenwijs Naciri, Franco brengt je wel." Zei ik. "Nee, ik wil niet. Ik haat ziekenhuizen." Zei ze. Ik trok mijn wenkbrauwen op en keek haar aan. "Hoezo?" Vroeg ik oprecht nieuwsgierig. Ze keek me aan en was vast verbaast waarom ik überhaupt interesse had om iets te weten over haar. "Mijn moeder." Antwoorde ze. Ik dacht aan de informatie die Franco destijds voor mij had uitgezocht over haar moeder die overleden was aan longkanker. "Je moet gaan. Dat is een flinke wond. Als je het niet laat behandelen kun je een infectie krijgen." Zei ik. "Dan krijg ik dat maar. Misschien sterf ik eraan. Het zou mij alleen goed uitkomen." Zei ze. Ik fronste mijn wenkbrauwen en keek haar aan. "Of je gaat naar het ziekenhuis of ik ga het zelf hechten..". Zei ik. Ze fronste haar wenkbrauwen en kromp in elkaar van de pijn.

Franco was niet in de buurt aangezien hij voor mij naar een andere stad moest reizen om iets op te halen bedacht ik me zonet. "Over vijf minuten sta je beneden." Zei ik. Ik liep vervolgens de kamer uit, pakte mijn vest en liep naar beneden. Christina stond in de huiskamer en ik liep meteen naar haar toe. Ik pakte haar bij haar arm en keek haar aan. "Ze vroeg erom Badr!". Zei ze kwaad. "Ik heb je vaak genoeg gezegd je er niet mee te bemoeien en toch doe je het!' Zei ik nijdig. "Laat me los! Je doet mij pijn!" Zei ze. Ik liet haar los en duwde haar op de bank. Nog nooit ben ik zo uit mijn slof geschoten tegen haar maar dit keer is ze te ver gegaan.

Haar naam is SophiaVerhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu