| Deel 100

160 8 4
                                        

"Sophia...?"

"Sophia...?"

Ik deed langzaam mijn ogen open en zag mijn tante voor me staan. Mijn hart ging tekeer en ik snapte niet waarom ik naar het plafond aan het staren was. "Sophia...". Ik hoorde ineens een andere stem en keek opzij. Het was mijn vader. "Je hebt me laten schrikken..". Zei hij.

"Schrikken..? Waarom...?" Mompelde ik onverstaanbaar. Mijn vader keek me ernstig aan en ergens in de verte hoorde ik geluiden die van Liyam afkwamen.

Liyam?

Mijn God! BADR!

Ik schoot overeind en keek om me heen. Ik lag op mijn bed en zag mijn tante naast mij zitten en aan de andere kant zat mijn vader. Aan het voeteneinde stond Laila en ik realiseerde me wat er zojuist gebeurt was. Ik was flauw gevallen. Badr is dood!

Mijn ogen vulde zich met tranen en ik begon te snikken als een klein kind. Mijn vader zuchte diep en stond op. "Waar ga je heen?" Vroeg mijn tante. "Even weg..". Antwoorde hij. "Jij hebt hem vermoord!!" Schreeuwde ik ineens keihard tegen mijn vader. Ik sloeg mijn benen over het bedrand en liep naar hem toe. Mijn vader stond stil en keek me enkel aan. "Sophia, doe niet zo absurd!" Zei mijn vader nogal boos. "Absurd?? Weet je wat idioot absurd is? Jij! Jij en je hele manier van werken is absurd!" Zei ik hard. Ik voelde de hand van tante Samra op mijn schouder en schudde deze van mij af. "Jij hebt de vader van je kleinzoon vermoord! Mijn kind moet het nu doen zonder vader omdat jij zonodig weer moest gaan moorden! Doe niet alsof je van gisteren bent!" Zei ik kwaad.

Ik voelde ineens mijn wang gloeien en greep ernaar met mijn hand. "Omar!" Laila keek hem verschrikkelijk kwaad aan en liep boos mijn kamer uit. Ik stond perplex en mijn vader keek me zeer ernstig aan. "Sorry... sorry Sophia.. het was niet mijn bedoeling.." Hij deed een stap naar voren en ik deed een stap achteruit. Tante Samra keek haar broer geschrokken aan en vloekte iets binnensmonds. "Ik ga hier weg. Je hebt me naar een hel gebracht. Je had me moeten laten zitten waar ik was. Ik was veel gelukkiger bij je vijand dan hier..". Zei ik met een schorre stem. Ik liep langs hem heen en stormde mijn kamer uit. Mijn vader riep mij maar ik gaf geen gehoor. Ik zocht Malika en trof haar met Liyam in de keuken aan. Vlug pakte ik Liyam van haar over en snelde ik me naar buiten. "Sophia!" Zei mijn vader keihard. Ik keek omhoog en liep toen vlug het huis uit.

Eenmaal buiten zag ik Tarik staan praten met een beveiliger. "Gooi die hekken open, nu!" Zei ik hard. De beveiliger knikte en Tarik keek me verbaast aan. "Wat.. waar ga je heen?" Vroeg hij. Mijn vader kwam naar buiten lopen. "Sophia! Het spijt me! Kom naar binnen en laten we praten!" Zei hij hard. Ik negeerde hem compleet. "Waar denk je nu heen te gaan!"

"Gaat je geen ene flikker aan! Laat mij met rust!" Zei ik kwaad. Ik liep naar mijn auto en zette Liyam erin. "Wat is er gebeurt?" Vroeg Tarik. Voordat ik achter het stuur ging zitten keek ik hem aan. "Jullie! Jij en je baas daar! Dat is er gebeurt!" Zei ik terwijl ik achter het stuur ging zitten.

"Sophia! Verdomme!" Schreeuwde mijn vader. Hij schreeuwde tegen de beveiliger dat hij de hekken gauw dicht moest doen. Ik keek naar de hekken die langzamerhand dicht gingen. Snel starte ik de auto en reed ik naar de hekken toe.

Nog even...

"Sophia! Stop daarmee!" Ik keek in de binnenspiegel en zag Laila met tranen in haar ogen staan. Plotseling remde ik hard. Liyam begon te huilen en ik bleef maar naar Laila kijken. Het was net alsof ik mijn eigen moeder zag die me gebaarde te stoppen. Ik trilde helemaal en kreeg weer een paniekaanval. Alleen deze keer was het zo heftig dat alles om me heen begon te draaien. Iemand deed mijn autodeur open en ik zag Tarik dubbel. Hij kwam met zijn arm langs mij heen en haalde de sleutels uit het contact. Het gehuil van Liyam werd steeds minder aangezien Malika hem uit de auto heeft gehaald.

Haar naam is SophiaVerhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu