| Deel 43

175 8 5
                                        

"Wat is er met Mariah gebeurt" Zei ze.

Ik dacht dat deze vraag gericht was aan Badr maar ze keek mij aan. Dit was precies dezelfde vrouw die ik gisterochtend zag verdwijnen. "Ik heb haar vermoord. Nu werk ik hier." Zei ik. Ze keek me ineens met angstige ogen aan en Badr stond perplex van mijn antwoord. Hij schraapte zijn keel en keek me duivels aan.

Domme vragen stellen is domme antwoorden terug krijgen.

Ik liep naar binnen en pakte de pannen om te koken. Mijn gedachten gleden naar de vrouw die hier in de tuin zat. Met haar volmaakte gezicht en haar prachtige bos gouden krullen.

Verdorie..

Wat is dit nu?

Ben ik echt zo jaloers? Het kon me toch niet schelen met wie die ellendeling was! Van boosheid kwakte ik een koekenpan hard op het aanrecht. Ik werd er zelfs boos om. Nu snapte ik mezelf helemaal niet meer. Nee, ik laat mezelf niet zo ver krijgen. Kom zeg, is hij helemaal gek geworden. Hij doet maar wat hij wilt! Al gleden mijn gedachten steeds naar de mooie vrouw die naast de man zat waar ik een gruwelijke hekel aan had maar tegelijkertijd zijn charme en lichaam adoreerde.

"We blijven niet eten. En was dat nou zojuist nodig?" Hoorde ik ineens. Ik keek naar de deuropening en zag hem staan met een licht geïrriteerde blik en zijn armen over elkaar. Het enige zinnetje wat tot mijn hersencellen drong was dat ze niet blijven eten?

"En waar gaan jullie dan wel eten?" Vroeg ik. Badr trok een wenkbrauw omhoog. "Dat zijn niet jou zaken." Antwoorde hij. Ik keek naar de pannen die ik al uitgestald had en knikte langzaam. "Ok." Antwoorde ik. Hij liep weg en tien minuten later hoorde ik de deur dicht gaan. Ik keek onopvallend uit het raam en zag ze wegrijden in de auto van Badr. Ik weet niet wat er met mij gebeurde en waarom ik ineens zo heftig reageerde hierop. Dit gevoel kon ik niet plaatsen en is me zelfs nooit overkomen...

Langzaam liep ik naar de tuin en ruimde ik de glazen op. Toen ik dat gedaan had wilde ik naar mijn slaapkamer lopen om daar de rest van de dag door te slijten totdat ik ineens stil stond en naar een plek keek waar ik eigenlijk niet mocht komen. Oftewel, enkel als ik schoonmaken moest. En ik weet dat Mariah mij vertelde enkel dinsdag die kamer te betreden. De rest van de dagen was verboden mits hij natuurlijk iets nodig had.

Het was maandag en ik schudde deze gedachte van me af maar toch leken mijn voeten die kant op te willen gaan. Shit! Ik kreeg het benauwd en liep uiteindelijk richting zijn slaapkamer. De kamer die ik wel vaker gezien had alleen nu lijkt alles anders. Het bed, zijn kleding, kortom alles was anders in mijn ogen. Ik liep langzaam naar het bed toe en keek voor me uit naar de kast waar zijn maatpakken hingen. Ik liep ernaartoe en deed de deuren met één knopje open. Langzaam liep ik naar binnen en raakte ik zijn maatpakken aan. Ik verkende de boel alsof ik er nooit eerder ben geweest. Langzaam liep ik de ruimte uit en keek ik waar Badr altijd lag..

Ik sloot mijn ogen dicht en vroeg mezelf af wat ik hier in hemelsnaam deed. Dit was het toppunt van wanhoop. Ik liep de slaapkamer uit en ging uiteindelijk naar mijn slaapkamer. Daar aangekomen keek ik in de spiegel en probeerde ik in te zien waarom hij me zo lelijk vond. Christina was mooi, maar te mager naar mijn mening. De dame die met hem vertrok was knap maar...

Tja maar wat, ze was verdomme perfect!

Ik zuchte diep en trok mijn kleren uit om mijn pyjama aan te doen. Beneden had ik niks meer te zoeken. Langzaam liep ik naar het raam en keek ik naar buiten. Ik probeerde de gedachten die ik had uit mijn hoofd te zetten dus ik dacht aan zijn vernederingen, ik dacht aan de dag dat hij me achterliet voor Salih, ik dacht aan alle keren dat hij mij pijn deed enkel om deze gedachten uit mijn hoofd te verbannen. Maar wat ik ook dacht het verdween niet...

Haar naam is SophiaVerhalen om door geobsedeerd te raken. Ontdek het nu