Hij hieldt mijn vinger vast en ik gaf een kusje op zijn mini handje. Toen hij ineens wakker werd zette hij het op het huilen en gaf ik hem meteen borstvoeding.
Naderhand verschoonde ik hem en hieldt ik hem dicht tegen me aan. "Ik hou zoveel van jou kleine Liyam." Deze naam had ik altijd al in gedachten. Sterker nog, het was een naam die mijn moeder mooi vond. We konden uren over baby's en baby namen praten..
"Liyam? Hoorde ik ineens. Ik trok mijn blouse dicht en hieldt hem stevig bij me. Badr stond in de deuropening en keek me aan. Hij liep langzaam naar me toe en stak zijn armen uit. Ik twijfelde maar uiteindelijk stond ik op en gaf ik Liyam aan zijn vader. Badr nam hem over en keek hem aan. "Liyam...". Zei hij. Ik keek hem vluchtig aan en was nog steeds ontzettend bang dat hij hem iets aan zou doen. Zijn woorden tijdens mijn zwangerschap stonden nog gegrift in mijn geheugen. Badr glimlachte en streek met zijn wijsvinger over zijn neusje. "Hij lijkt op mij." Zei hij. Ik zweeg enkel en keek hem alleen aan. "Wat zal je oma stuiteren van blijdschap als ze je ziet..". Liyam begon te bewegen en werd wakker. Badr kreeg een glimlach op zijn gezicht. "Je hebt papa's ogen kleine vriend." Zei hij. Ik stond langzaam op en keek naar de helder groenige blauwe ogen van Liyam. "Dat kan nog veranderen." Zei ik. Badr keek me aan. "Mama is jaloers. Hoor je dat Liyam?". Zei hij. Ik kreeg een glimlach op mijn gezicht en keek naar hen allebei.
Het was een fijne moment. Een moment waar ik naar verlangt had. Een moment dat ik hoopte dat Badr bij zinnen zou komen als hij zijn zoon in zijn armen zou hebben. En gelukkig had ik het goed, want hij keek liefdevol naar hem en ik zag een Badr die ik nog nooit eerder had gezien. Was dit de Badr van vroeger? De Badr voordat hij onterecht naar de gevangenis werd gestuurd? Deze soort Badr stond hem in ieder geval veel beter..
Maar dat moment werd ruw verstoord door wat geluiden van buitenaf. Badr werd gebeld en nam op. Hij fronste met zijn wenkbrauwen en gaf Liyam gauw terug naar mij. Ik hoorde wat commotie buiten en liep richting de huiskamer waar ik goed zicht had op de oprit. Badr stond naast zijn auto met zijn handen in zijn broekzakken. Naast hem stond Franco en een horde aan beveiligers. Er stonden drie zwarte SUV's voor de hekken en met één gebaar vanuit Badr deden de beveiligers de hekken open. Ze reden één voor één naar binnen. Ineens stappen er twee keurig geklede mannen uit de eerste auto. Wie waren dat nu weer?
Uit de tweede auto stapte nog twee mannen uit gevolgd door een man van ongeveer in de vijftig. Hij had een driekwart zwarte mantel aan en leek net op een Italiaanse maffiabaas. Wat zei ik nou, wie weet was het nog een echte maffiabaas. Met Badr weet je het immers nooit. De man kwam steeds een stukje dichtbij lopen maar toen ik zijn gezicht wat beter zag liet ik van schrik bijna Liyam vallen.
Was dat mijn vader??
Dat moet haast wel want het was 'oom Omar' die daar stond. De man van wie ik mijn leven lang gedacht heb dat het mijn oom was. Ik begon te rillen en beven en voelde mijn ogen vochtig worden. Ik was bang, verdrietig maar vooral erg boos. Ik was zo boos dat ik mijn schoenen aan deed en Liyam dicht tegen me hieldt om vervolgens naar buiten te lopen. Badr draaide zich om en keek me aan. "Ga naar binnen." Zei hij. Ik bleef stil staan maar mijn vader had me al in het vizier want ook hij bleef abrupt stil staan. Onze blikken kruiste elkaar en ik zag meteen hoe erg hij op mijn vader leek. Het was nog steeds onwerkelijk..
Ik liep langs Badr maar hij hield me tegen. "Ik zei, ga naar binnen." Badr keek me boos aan maar ik trok me hier niks van aan. Zoals ik zei, ik was verdrietig maar vooral woedend op die man een paar meter voor mij. "Sophia.." begon hij. Ik zweeg en keek hem alleen aan. "Omar, wat doe je hier?". Vroeg Badr terwijl hij een sigaret opstak. Mijn vader keek hem aan en glimlachte. "Kraambezoek." Antwoorde hij. Badr zuchte diep en liep iets naar voren. "Was dat nodig?" Vroeg Badr ineens. "Wat?". Antwoorde mijn vader.
JE LEEST
Haar naam is Sophia
Romance'Als ik had gedacht dat de wereld er zo voor mij uit zou zien, was ik liever niet geboren.' Dit moet Sophia haar hele leven elke dag gedacht hebben. Haar vader is een zware drugsgebruiker en verkoopt af en toe zelf ook wat om het vervolgens weer uit...
