"Papa...".
Ik hield zijn hand vast en veegde mijn tranen weg. Hij zat onder de draden en was aangesloten aan talloze apparaten. Het zag er allemaal zo vreselijk eng uit. Het gepiep van de machines, het hele aanzicht van hem in zo'n bed. Ik kon het niet bevatten. Mijn vader die hier zo fragiel lag. En wat er gebeurd was wist ik nog steeds niet.
"Mevrouw Naciri?"
Ik keek op en zag twee agenten en een arts staan. "Kunt u even meelopen?" Vroeg de arts. Ik schudde mijn hoofd. "Ik blijf hier." Ze keken elkaar even aan en kwamen iets dichtbij. "Kunt u mij vertellen wat er is gebeurd?" Vroeg ik. "Wij hebben uw partner al het een en ander verteld." Zei de andere arts. Ik keek hem met een ruk aan. "Het is mijn partner niet." Zei ik geïrriteerd.
"Uw vader is meerdere malen neergestoken door een medegevangene. Dat onderzoek is in volle gang. De operatie is goed gegaan maar de kans dat hij bijkomt schatten wij klein aangezien...". Ik stond meteen op. "Hij zal leven. Mijn vader zal leven! Hoe kan hij neergestoken worden in een zogenaamde zwaar bewaakte gevangenis! Hoe!!" Zei ik kwaad.
De agenten keken elkaar aan en ik keek weer naar mijn vader. "Hij zal het halen inshaAllah...toch pappa?" Ik wreef over zijn koude hand en ging weer zitten. Met z'n drieën gingen ze weer weg en even later kwam hij naar binnen. Badr zweeg en zei geen woord. "Ik hoop dat je van het uitzicht geniet. Dit is precies hoe je het wilde hebben." Zei ik schor. Hij zei geen woord terug en dat was maar verstandig ook. Want op dit moment wilde ik hem amper voor mij zien.
Laila, tante Samra.. Tarik..
Ze moesten dit weten. Stel je voor...
Nee. Zo mocht ik niet denken. Niet weer.
Maar ze moesten wel op de hoogte gehouden worden. Ik liep de kamer uit en belde Laila en tante Samra. Tarik was een ander verhaal dus daarom zocht ik Badr die ik nergens kon vinden. Uiteindelijk trof ik hem druk pratend met een politieagent aan. Ik liep snel naar hem toe. "Laat hem gaan. Hij moet hier komen." Zei ik. Badr keek naar de agent die op zijn beurt vreemd naar mij keek. "Ik.. excuseert u ons even." Zei Badr terwijl hij me bij mijn arm pakte en weg liep. "Ben je gek geworden?!" Siste hij kwaad. "Vertel ze dan meteen maar alles! Ook hoe ik je verkrachter heb vermoord!"
Ik knipperde met mijn ogen en rukte mezelf los. "Misschien doe ik dat wel!" Hij vernauwde zijn ogen en trok me mee naar de wachtkamer. "Pas op Sophia! Een woord daarover en je hebt een probleem!"
"Raak me niet aan." Zei ik kwaad. Hij liet me onmiddellijk los en beende de wachtkamer uit. 'Verdomme!' Zei ik hardop. Ook ik liep de wachtkamer uit. Na een uur gezeten te hebben bij mijn vader aan bed, vloog de deur open.
Ik ging meteen overeind staan toen ik Tarik naar binnen zag lopen. Hij keek van mij naar mijn vader en snelde zich naar het bed toe. Zijn ogen gleden onderzoekend over zijn lichaam en hij pakte zijn hand.
Plots keek hij op naar mij. "Dit is allemaal jouw schuld!" Zei hij ineens. Ik keek hem verbaast aan en kneep automatisch in de hand van mijn vader. "Als je hem niet verraden had, zou hij een vrije man zijn! Jij hebt hem in de gevangenis gegooid!"
Ik kon het niet meer aanhoren. Mijn handen trilde en ik wilde wat zeggen tegen hem maar zweeg uiteindelijk. Vlug liep ik de kamer uit en hield ik mijn handen voor mijn mond om het gesnik te dempen. Hij had nog gelijk ook. Door mij zat mijn vader vast, dit had niet gebeurt hoeven zijn als ik mijn mond dicht had gehouden! "Waar is hij?" Hoorde ik ineens. Ik keek op en zag Badr staan. "Tarik, waar is hij." "Bij mijn vader." Antwoorde ik.
Hij liep de kamer in en ik liep achter hem aan. "Wat ga je doen?" Vroeg ik met een angstige stem. Hij keek op zijn horloge en pakte zijn mobiel. Tarik keek op naar Badr en toen weer naar mijn vader.
JE LEEST
Haar naam is Sophia
Romance'Als ik had gedacht dat de wereld er zo voor mij uit zou zien, was ik liever niet geboren.' Dit moet Sophia haar hele leven elke dag gedacht hebben. Haar vader is een zware drugsgebruiker en verkoopt af en toe zelf ook wat om het vervolgens weer uit...
